Zorgvuldig antibioticagebruik in de apotheek

Opties

Antibiotica redden levens, maar verliezen hun kracht als ze onjuist worden gebruikt. Antibioticaresistentie is een groeiend probleem, ook in Nederland. Wat betekent dit voor de dagelijkse praktijk in de apotheek en welke rol speel jij als zorgverlener? Een goede uitleg helpt om de werking te optimaliseren en bijwerkingen te beperken.

Antibiotica zijn medicijnen die bacteriële infecties bestrijden, zoals longontsteking of een blaasontsteking. Ze werken niet tegen virussen, zoals een verkoudheid of griep. Toch verwachten patiënten soms antibiotica bij klachten waarbij deze middelen geen effect hebben. Maar artsen schrijven antibiotica alleen voor als het echt nodig is, om te voorkomen dat bacteriën ongevoelig worden voor deze middelen.

Wanneer antibiotica te vaak of onjuist worden gebruikt, kunnen bacteriën zich aanpassen. Het antibioticum werkt dan niet meer. Dit noemen we antibioticaresistentie. Resistente bacteriën kunnen zich niet alleen bij één patiënt ontwikkelen, maar zich ook verspreiden naar anderen. Daardoor wordt de behandeling van infecties steeds ingewikkelder.

Antimicrobiële resistentie

Naast bacteriën kunnen ook schimmels, virussen en parasieten ongevoelig worden voor medicijnen. Daarom spreekt het RIVM steeds vaker van antimicrobiële resistentie (AMR). Vooral mensen met een verminderde weerstand, zoals ziekenhuispatiënten en ouderen, lopen risico. Bij hen kan een infectie met een resistente bacterie ernstige gevolgen hebben, zoals een ernstiger ziekteverloop, beperkte behandelopties en in sommige gevallen zelfs overlijden.

Sommige micro-organismen zijn zelfs bijzonder resistent (BRMO), zoals MRSA of bepaalde darmbacteriën die meerdere antibiotica kunnen afbreken. Gezonde mensen worden hier vaak niet ziek van, maar kunnen deze bacteriën wel bij zich dragen en verspreiden.

Een van de belangrijkste adviezen bij antibiotica is: maak de kuur altijd af. Stoppen patiënten te vroeg, dan kunnen bacteriën overleven en zich opnieuw vermenigvuldigen. De infectie kan

terugkomen en de kans op resistentie neemt toe. Dit is een boodschap die apothekersassistenten dagelijks meegeven, maar die extra aandacht blijft vragen.

Ook het juiste innamemoment speelt een rol. Sommige antibiotica moeten op een lege maag worden ingenomen, andere juist met voedsel. Een goede uitleg helpt om de werking te optimaliseren en bijwerkingen te beperken. Wanneer patiënten bijvoorbeeld minder bijwerkingen ervaren, is de kans ook kleiner dat zij (vroegtijdig) stoppen met het antibioticum.

Rol van apotheek

In de apotheek controleren assistenten en apothekers of het antibioticum geschikt is voor de patiënt. Denk aan dosering, wisselwerkingen met andere medicijnen en gebruik bij zwangerschap of borstvoeding. Daarnaast geven zij uitleg over inname, mogelijke bijwerkingen en wat te doen bij vergeten doses.

Door deze begeleiding draagt de apotheek direct bij aan het voorkomen van resistentie. Ook door patiënten gerust te stellen wanneer geen antibiotica nodig zijn, of door uit te leggen waarom terughoudend voorschrijven juist in hun voordeel is.

In Nederland houdt het RIVM toezicht op antimicrobiële resistentie via uitgebreide surveillance. Daarbij wordt gekeken naar mensen, dieren, voedsel en de omgeving. De gegevens helpen om uitbraken vroeg te signaleren en beleid bij te sturen.

Daarnaast is er een Nederlands Actieplan voor het terugdringen van antimicrobiële resistentie 2024-2030, waarin overheid en zorgpartijen samenwerken om resistentie terug te dringen. Voor sommige resistente bacteriën geldt zelfs een meldingsplicht, zodat snel kan worden ingegrepen.

Voor apotheekmedewerkers ligt dus de sleutel in goede voorlichting. Door helder uit te leggen wanneer antibiotica wel en niet werken, waarom de kuur afgemaakt moet worden en hoe patiënten zelf kunnen bijdragen, wordt resistentie stap voor stap afgeremd. Kleine gesprekken aan de balie maken daarbij een groot verschil.

Feit of Fabel

Als een patiënt zich beter voelt, kan hij stoppen met de antibioticakuur

FABEL Ook als de klachten verdwijnen, kunnen er nog bacteriën in het lichaam aanwezig zijn. Stoppen met de kuur zorgt ervoor dat deze bacteriën overleven en zich opnieuw kunnen vermenigvuldigen. Dit vergroot niet alleen de kans dat de infectie terugkomt, maar ook dat bacteriën ongevoelig worden voor het antibioticum. Daarom is het altijd belangrijk om de kuur volledig af te maken, precies zoals voorgeschreven. Dit advies geldt voor alle patiënten, ongeacht leeftijd of soort infectie.

Muhammed Güngören is apotheker en werkzaam bij het Geneesmiddel Informatie Centrum (GIC), KNMP.

 

Door Muhammed Güngören

Pagina laatst bijgewerkt op 30 juni 2026