Kenmerken van de GPK, PRK en HPK

Update: Handelsproducten met dezelfde GPK en/of PRK niet altijd uitwisselbaar


De handelsproducten in de G‑Standaard worden gekarakteriseerd door een diverse (identificerende) kenmerken. Subsets van deze kenmerken vormen het voorschrijfniveau. De criteria voor het invullen van de GPK- en PRK-kenmerken zijn te vinden in het transparantiedocument.

De hiërarchische structuur is vastgelegd in de Nederlandse norm NEN 7505 'Basisstructuur van een databank voor geneesmiddelen'. Deze is te bestellen bij NEN te Delft.

HPK

De handelsproducten zoals de fabrikanten deze in de handel brengen, zijn in de G-Standaard opgenomen als HPK's (handelsproductcodes).
De HPK bevat meer dan 30 verschillende kenmerken. Deze kenmerken worden ingevuld op basis van de productinformatie van de fabrikant.
Deze kenmerken worden zoveel mogelijk ingevuld op basis van internationale standaarden.

PRK

Voor het voorschrijven op stofnaam is in 2002 de PRK (prescriptiecode) in de G-Standaard opgenomen. De PRK wordt bepaald door dezelfde kenmerken als de GPK met daarbij nog een aantal andere kenmerken. De belangrijkste zijn:

  • identificerende hulpstoffen, bijvoorbeeld met of zonder conserveermiddel
  • extra kenmerken zoals 'XE' bij timolol oogdruppels
  • emballagetype, zoals ampul of flacon
  • hoeveelheid per emballagetype, bijvoorbeeld 2 ml
  • hulpmiddelen, zoals babyhaler
  • lengte en breedte van een verband
  • grootte van een IUD

De PRK wordt automatisch gegenereerd op basis van de gegevens die bij de HPK worden ingevuld.

Naar aanleiding van verzoeken uit de praktijk is het GIC samen met Z-Index een project gestart. Hierbij voegen we GPK’s en PRK’s samen voor producten met verschillende zoutvormen van een geneesmiddel als het gehalte werkzaam bestanddeel (base) gelijk is. Als onderscheid op grond van zoutvorm uit therapeutisch oogpunt nodig is, worden GPK’s en PRK’s niet samengevoegd.

GPK

De GPK (generieke productcode) is het generieke productniveau. De GPK wordt bepaald door vijf kenmerken: de stof, de sterkte, de farmaceutische vorm, de toedieningsweg en de eenheid van de farmaceutische vorm. Voorheen was de zoutvorm van de stof bepalend voor de GPK. In 2015 is een project gestart waarin GPK’s en PRK’s voor producten met verschillende zoutvormen van een geneesmiddel worden samengevoegd als het gehalte werkzaam bestanddeel (base) gelijk is (zie PRK). De zoutvorm is dus niet meer altijd bepalend voor de GPK. De GPK wordt automatisch gegenereerd op basis van de gegevens die bij de HPK worden ingevuld.

Duurberekening en doseereenheden

Voor de duurberekening en voor de doseereenheden wordt gebruik gemaakt van diverse eenheden. Deze eenheden sluiten echter niet altijd aan bij de eenheden in de G-Standaard.

Lees meer

Overige informatie

Voor meer informatie over de hiërarchische structuur zie de Ruggengraat van de G-Standaard

Handelsproducten met dezelfde GPK en/of PRK niet altijd uitwisselbaar

Dat handelsproducten dezelfde GPK en/of PRK hebben zegt niets over de onderlinge uitwisselbaarheid. In de praktijk worden de GPK en de PRK echter wel regelmatig gebruikt als handvat voor de onderlinge uitwisselbaarheid. In veel gevallen is dit ook geen probleem, maar soms wel! Bijvoorbeeld als er op PRK-niveau onvoldoende informatie aanwezig is voor voorschrijven of ter hand stellen. Een voorbeeld hiervan zijn producten voor immunotherapie. Of als er sprake is van een toedieningsvorm met gereguleerde afgifte. Dit geldt bijvoorbeeld voor producten met methylfenidaat. Dit wordt toegelicht in dit PW-artikel

Kenmerk in de G-Standaard 

In de G-Standaard zijn de middelen waarbij substitutie tot problemen kan leiden voorzien van een label, ‘overweeg om niet te substitueren’ of ‘voorschrijven op HPK-niveau’. Een softwareleverancier kan dit label implementeren om zorgverleners op dit gebied te ondersteunen.

Contact

Helpdesk GIC
Maandag t/m vrijdag 10.30 - 17.00 uur

(070) 373 73 77 gic@knmp.nl