Trend: toenemende complexiteit van geneesmiddelen

Geneesmiddelen worden steeds complexer: van de traditionele small molecules naar biologicals en biosimilars, gen- en celtherapie en geneesmiddelimplantaten. Dit roept nieuwe vragen op: over substitutie, werking in het lichaam en definities van geneesmiddelen.

Ontwikkelingen complexe geneesmiddelen

Nieuwe geneesmiddelen als biologicals en biosimilars stellen ons voor nieuwe vragen. Bijvoorbeeld met betrekking tot substitutie, zoals rondom TNFα-remmers als adalimumab (Humira).

Nieuwe technieken - complexe afgiftesystemen of farmaca gekoppeld aan andere moleculen of fysisch gemanipuleerd (nanomedicine) - beïnvloeden daarnaast het gedrag van het geneesmiddel in het lichaam, de effectiviteit en het bijwerkingenprofiel. Voorbeelden zijn de diverse formuleringen amfotericine B (AmBisome, Abelcet, Fungizone, Amphocil) en mesalazine (Asacol, Salofalk, Pentasa).

Het begrip ‘geneesmiddel’ wordt tot slot steeds verder opgerekt, door ontwikkelingen als stamceltherapieën (regenerative medicine), waarbij autologe stamcellen gebruikt worden om ziekten als diabetes type I te behandelen.

Rol van de apotheker bij complexe geneesmiddelen

De apotheker draagt met zijn biofarmaceutische kennis bij aan het veilig gebruik van complexe geneesmiddelen. Hij heeft oog voor potentiële verwisselingen en deelt zijn kennis over uitwisselbaarheid, bewaring, transport en voor toediening gereedmaken (VTGM). Wat zou de apotheker nog meer kunnen doen? Laat het weten aan .

Contact

KNMP
Maandag t/m vrijdag 09:00 - 17:00 uur

(070) 373 73 73 communicatie@knmp.nl