Telefonisch contact verbetert therapietrouw van patiënten met bloeddrukverlagers

27 augustus 2015

Patiënten die bloeddrukverlagers nemen, hebben baat bij telefonisch contact met apothekers. Dat concludeert Marcel Kooij, promovendus Farmaceutische Wetenschappen aan de Universiteit Utrecht. Hij onderzocht het effect van telefonische begeleiding bij de start van therapie.

In de groep die gebeld werd door apothekers bleken ook minder patiënten vroegtijdig gestopt te zijn met het nemen van de medicatie. “Het is tijd dat apothekers de uitdaging aangaan en hun rol in het begeleiden en ondersteunen van medicatietrouw uitbreiden,” aldus Kooij. Hij promoveert op 9 september op zijn onderzoek naar therapietrouw.

Verkeerd gebruik van medicijnen, zoals te vroeg stoppen of onregelmatig gebruik, kan grote gevolgen hebben doordat bijvoorbeeld de bloeddruk niet voldoende daalt. Hierdoor worden de positieve effecten van de behandeling lang niet altijd gehaald. Therapietrouw is dan ook essentieel voor effectieve farmaceutische patiëntenzorg.

Regelmatig innemen

Patiënten met bloeddrukverlagers blijken regelmatiger hun medicijn te gebruiken na telefonisch contact. Dat geldt in mindere mate ook voor patiënten die bifosfonaten en cholesterolverlagers voorgeschreven kregen. Ondersteuning is niet alleen belangrijk voor patiënten die starten met een behandeling, maar ook voor patiënten die mogelijk problemen hebben met het regelmatig innemen op langere termijn. Kooij richtte zich daarom in een tweede onderzoek op patiënten die onregelmatig cholesterolverlagers kwamen afhalen. Daaruit bleek dat het gebruik van een alarm op het moment dat het medicijn ingenomen moest worden dit gedrag alleen verbeterde voor vrouwen met hart- en vaatziekten of diabetes.

Persoonlijke benadering

Het onderscheid in effect tussen de verschillende groepen in het onderzoek is opvallend.  Een persoonlijke benadering en zorg op maat blijven daarom essentieel. “Een patiënt die af en toe het medicijn vergeet, zal iets anders nodig hebben dan een patiënt die stopt in verband met bijwerkingen,” aldus Kooij.

Marcel Kooij promoveert op 9 september om 14.30 in het Academiegebouw in Utrecht

 


Dit nieuwsbericht is onderdeel van nieuwscategorie: Patiëntenzorg