Medicatie te weinig aangepast aan DNA patiënt

13 april 2017

Persbericht | Bij 200.000 medicijnrecepten in 2016 zou de dosis aangepast zijn als apothekers het DNA-profiel voor medicijnafbraak hadden kunnen aanvragen. Dat blijkt uit cijfers van Stichting Farmaceutische Kengetallen die zijn gepresenteerd op het jubileumcongres van apothekersorganisatie KNMP over farmacogenetica. Hoogleraar klinische farmacie Henk Jan Guchelaar van het LUMC vindt dat het moment is aangebroken dat zorgverzekeraars een DNA-aanvraag door apothekers vergoeden.

“De tijd is rijp om farmacogenetica toe te passen in de dagelijkse apotheekprakijk”, aldus Guchelaar. “Dat geeft een betere werking en minder bijwerkingen van geneesmiddelen. Zo kunnen artsen  bijvoorbeeld meteen een veilige en werkzame dosis van bepaalde pijnstillers en tricyclische antidepressiva voorschrijven.”

Voor 47 geneesmiddelen heeft de apothekersorganisatie farmacogenetica-adviezen opgesteld voor patiënten met afwijkende genen voor medicijnafbraak. Bij 34 daarvan moet bij afwijkende gentypen de dosis worden aangepast of geswitcht worden naar een ander medicijn. Patiënten die bepaalde medicijnen langzamer afbreken, krijgen hogere concentraties in hun bloed en meestal een sterkere werking van het middel. Patiënten die juist bepaalde medicijnen sneller afbreken, hebben meestal een hogere dosering nodig voor een optimale werking.

“Deze farmacogenetica gaat de komende jaren steeds belangrijker worden in de apotheek”, aldus KNMP-voorzitter Gerben Klein Nulent van de 175 jaar oude apothekersorganisatie. “We verwachten hier de komende jaren medicatie op maat mee te kunnen bieden.”


Dit nieuwsbericht is onderdeel van nieuwscategorie: Patiëntenzorg KNMP