Wijzigingen in vergoeding apotheekbereidingen en grondstoffen 2026

10 december 2025
Opties

De zorgverzekeraars hebben bekendgemaakt welke (doorgeleverde) apotheekbereidingen en grondstoffen zij vanaf 1 januari 2026 niet meer vergoeden en/of waarvoor een voorwaarde geldt om voor vergoeding in aanmerking te komen.

Wijzigingen

De KNMP stelt een overzicht beschikbaar van bereidingen en grondstoffen waarvan de vergoeding per 1 januari 2026 wijzigt ten opzichte van 2025.

  • overzicht wijzigingen in vergoeding apotheekbereidingen en grondstoffen 2026.pdf Downloaden

Grondstoffen

De zorgverzekeraars beoordelen ook grondstoffen en beoordelen deze met een negatieve verstrekkingscode indien deze grondstoffen gebruikt worden voor magistrale bereidingen die niet vallen onder rationele farmacotherapie. Een eventuele doorgeleverde bereiding met deze grondstof wordt dan ook altijd negatief geduid door de zorgverzekeraars. Apothekers weten hierdoor altijd direct dat bij het gebruik van deze grondstof in een magistrale bereiding deze niet zal worden vergoed door de zorgverzekeraar. Hiermee wordt feitelijk dus duidelijkheid over de declaraties gegeven. 

Zinkoxide

Alle cutane producten met zinkoxide, inclusief de grondstof, komen niet meer voor vergoeding in aanmerking. Zorgverzekeraars geven aan dat er volgens hen geen rationale is om deze producten te vergoeden.

Magnesium, kalium en zink vergoed

Doorgeleverde bereidingen met magnesium, kalium en zink worden ook in 2026 vergoed als de patiënt deze ter hand gesteld krijgt door de openbare apotheek. Deze doorgeleverde bereidingen mineralengeneesmiddelen worden door specifieke patiëntengroepen gebruikt als therapeutisch middel en niet als voedingssupplement. Zie ook eerdere berichtgeving hierover. 

Doorgeleverde apotheekbereidingen

Doorgeleverde apotheekbereidingen zijn bereidingen die een apotheek maakt en aan een andere apotheek levert. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) staat dit toe onder bepaalde voorwaarden. Deze voorwaarden zijn vastgelegd in een beleidsregel. Vanaf 1 februari 2025 geldt de beleidsregel ‘Collegiaal doorleveren en ter hand stellen van apotheekbereidingen’. De beleidsregel komt in de plaats van de circulaire 'Handhavend optreden bij collegiaal doorleveren van eigen bereidingen door apothekers'. Inhoudelijk is de beleidsregel bijna gelijk aan de circulaire. Het belangrijkste verschil is dat apotheken voortaan een gedoogverklaring nodig hebben om hun bereidingen collegiaal te mogen doorleveren.

Apotheekbereidingen zijn niet-geregistreerde geneesmiddelen en zijn daarom niet opgenomen in het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS). Een doorgeleverde bereiding  moet voldoen aan de wettelijke eis uit het Besluit zorgverzekering artikel 2.8 lid 1: rationele farmacotherapie. Dit betekent onder meer dat er sprake moet zijn van wetenschappelijk bewezen werkzaamheid. 

Sinds 2016 besluiten zorgverzekeraars gezamenlijk welke doorgeleverde bereidingen voor vergoeding in aanmerking komen. Om tot een gezamenlijk besluit te komen, krijgen de verzekeraars input van de KNMP, beroepsorganisaties van medisch specialisten en huisartsen, en van Patiëntenfederatie Nederland. Het is uiteindelijk aan de zorgverzekeraars om te besluiten of zij een bereiding vergoeden of niet.

Aanspreekstatus

Een doorgeleverde bereiding kent verschillende aanspraakstatussen: 

  • De bereiding komt in aanmerking voor vergoeding (F)
  • De bereiding komt alleen onder bepaalde voorwaarden in aanmerking voor vergoeding (F, vw);
  • De bereiding komt in de basis niet in aanmerking voor vergoeding, maar er kan wel een machtiging worden aangevraagd. Op individuele gronden zou een verzekeraar toch kunnen besluiten de bereiding te vergoeden (N, vw);
  • De bereiding komt niet in aanmerking voor vergoeding (N).

De aanspraakstatus en eventuele aanvullende voorwaarden van een bereiding worden uitgeleverd via de G-Standaard.

Oude wijzigingen

De oude verschillijsten zijn te vinden op de pagina over vergoeding apotheekbereiding.

Zijn er naar aanleiding van deze wijzigingen nog vragen? Neem dan contact op met de helpdesk van het Laboratorium der Nederlandse Apothekers (lna@knmp.nl, tel. 070 37 37 370).