Minister Van Ark informeert Kamer over GVS-herziening per 2023

22 december 2020

Minister Van Ark (Medische Zorg) heeft de Tweede Kamer geïnformeerd over de inwerkingtreding van de zogeheten modernisering van het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) per 1 januari 2023. In deze brief van 18 december 2020 staat dat het ministerie van VWS met apothekers en anderen in gesprek gaat over het wisselen van geneesmiddelen, de uitwerking van ‘medische noodzaak’, het beperken van administratieve lasten en de voorlichting richting patiënten.

KNMP-voorzitter Aris Prins ziet de gesprekken over de herziening graag tegemoet, maar uit wel grote zorgen. ‘Gevolgen van deze zogeheten modernisering komen grotendeels bij apothekers te liggen. Herberekeningen van vergoedingen zorgen bij apotheken en patiënten voor veel geneesmiddelwisselingen – en onbegrip. Daarmee moet de minister op een prudente wijze omgaan. Daarover gaan wij graag in gesprek.’

Wisselen van geneesmiddelen

De bewindspersoon schrijft in haar brief dat de modernisering eenmalig kan leiden tot meer medicatiewisselingen. Dat levert een extra belasting op voor apothekers. Dat erkent ook minister Van Ark. Zij wil in gesprek met apothekers over de wijze waarop wisselingen op een verantwoorde, en voor hen uitvoerbare wijze, kunnen plaatsvinden.

Medische noodzaak

Over de uitwerking en toepassing van ‘medische noodzaak’ is het ministerie van VWS in gesprek met diverse partijen en experts. De komende maanden leidt dat tot een verdere uitwerking daarvan. Er wordt onder meer gesproken over het opstellen van een inhoudelijk afwegingskader. Daarbij heeft de minister naar eigen zeggen oog voor ‘de deskundigheid en inhoudelijke rol van de apothekers en de financiële prikkels in de huidige toepassing van medische noodzaak in het preferentiebeleid’.

Administratieve lasten en voorlichting

Verder heeft het ministerie van VWS ook apothekers uitgenodigd om in gesprek te gaan over de administratieve lasten en voorlichting. Zo komt in 2021 een panel bijeen met apothekers, voorschrijvers en zorgverzekeraars om te spreken over de zogeheten uitvoeringspraktijk. ‘Met hen wil ik de administratieve lasten identificeren en kwantificeren, en bespreken hoe de toepassing van medische noodzaak efficiënt en prudent kan plaatsvinden’, aldus minister Van Ark. Een jaar later, in 2022, wordt gestart met het opzetten van voorlichting over de modernisering. Ook daarbij worden apothekers betrokken, samen met huisartsen en zorgverzekeraars.

 

Eerder dit jaar riep de KNMP, samen met onder meer huisartsenkoepel LHV en de Federatie Medisch Specialisten, de bewindspersoon nog op om op basis van beroepsrichtlijnen besparingen op geneesmiddelen te realiseren. De KNMP vindt de impact van het verlagen van vergoedingslimieten te ingrijpend. Op basis van medische richtlijnen op het vlak van voorschrijven kiezen zorgverleners al onderbouwd bij gelijkwaardige geneesmiddelkeuzen voor goedkopere geneesmiddelenvarianten. Zo zijn besparingen mogelijk met minder administratieve lasten, betere medicatieveiligheid en meer draagvlak.

Lees hier de Kamerbrief Lees hier de bijlage bij de Kamerbrief over medische noodzaak
Dit nieuwsbericht is onderdeel van nieuwscategorie: Patiëntenzorg Praktijkvoering