CIBG: stand van zaken vermelden BIG-nummer

16 april 2020

Het CIBG stelt in een stand van zaken over het vermelden van het BIG-nummer dat de verplichting per 1 januari 2021 in werking treedt. Dat staat in een nieuwsbericht op de website van het CIBG. Het aangepaste besluit met de regels voor de verplichting het BIG-nummer te vermelden is op 2 april officieel bekendgemaakt. Voorts stelt het CIBG dat door de coronacrisis BIG-geregistreerde zorgverleners en hun werkgevers wellicht niet voldoende tijd hebben om op 1 januari 2021 aan de verplichting te voldoen. Daar wordt rekening mee gehouden: men hoeft voorlopig nog niets te doen.

De KNMP en andere beroeps- en brancheorganisaties, Zorgverzekeraars Nederland en de Patiëntenfederatie Nederland hebben eerder met het ministerie van VWS afgesproken dat de BIG-geregistreerde zorgverleners en hun werkgevers minimaal een half jaar de tijd krijgen om de verplichting te implementeren. Het CIBG maakt, zodra er duidelijkheid is over het verdere verloop van de coronacrisis, bekend wanneer het half jaar ingaat om aan de verplichting te voldoen. Ook wordt er dan meer uitleg gegeven over de verplichting. De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd gaat pas na dat half jaar handhaven op de verplichting het BIG-nummer te vermelden.

De verplichting

De verplichting houdt in dat zorgverleners (1) patiënten over hun BIG-nummer moeten informeren wanneer zij daar om vragen en dat zij het nummer moeten vermelden (2) bij het gebruik van hun naam op hun website (of website van werkgever) en (3) in de e-mail ondertekening van e-mailberichten die beroepsmatig worden verzonden. Het BIG-nummer hoeft dus niet op andere plekken te worden vermeld, zoals in wachtruimten.

Lees het bericht van het CIBG
Dit nieuwsbericht is onderdeel van nieuwscategorie: Professie